Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet met M’bok Merah getrouwd is, maar als de dorpspriester het huwelijk heeft ingezegend en Siti de vrouw van haar vader als stiefmoeder moet erkennen, is het uit met Siti’s vrijheid.

M’bok Merah zegt, dat zij nu wel de waroeng aan de kruisweg zal beheeren en dat Siti thuis moet blijven om het werk te doen. M’bok Merah brengt ook een dochter uit haar eerste huwelijk mee, die moet haar moeder in de waroeng helpen. En als de oude klanten, de karr» voerders en de weg-opzichters, de dorpsschrijver en de fabriekskoelies vragen waarom ze Siti niet meer in de waroeng zien, zegt Joesoep's tweede vrouw, dat het meisje niet deugt en dat ze steelt. — M’bok Merah is er ook achter gekomen, dat mevrouw Verhoop en de vrouw van den machinist van „Kadipaten” wel eens bij Siti aanlopen, als ze alleen thuis is. En als ze dat weet, verbiedt ze haar stiefdochter met die dames te praten. „Je bent te lui om te werken,” zegt ze. „Je moeder heeft je bedorven, maar ik zal je wel leren!”

En dat leren bestaat in een flink pak slaag, als er iets niet naar M’bok Merah’s zin is. Er is heel gauw iets niet naar de zin van Joesoep’s vrouw, als het Siti betreft. Ze wil zich in Siti op Maryam wreken, die haar grootste concurrente in de omgeving was.

Treurig en eentonig wordt Siti’s leven en ze is blij, als de njonja van de fabriek of de njonja-zendeling haar eens opzoeken om een praatje te maken. Maar ze moet voorzichtig zijn, de kleine meid, dat M’bok Merah niets van de bezoeken merkt. Het is moeilijk zo’n bezoek stil te houden, want al mogen de buren haar stiefmoeder niet graag, toch kan er wel eens eentje tussen zijn, die niet te vertrouwen is. Op een middag, als Siti alleen thuis is, komt njonja de Lange even aan-

Sluiten