Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heugd, dat ze nu tot de kinderen van haar volk over den Heiland mag spreken. Tegen de mannen, die klanten van de waroeng zijn, durft ze nog niet te spreken, maar de vrouwtjes uit de desa luisteren graag naar haar. Ruwe grappen verkopen doen de mannen niet meer, want de een zegt het den ander: „Siti is heilig/' (santri).

Joesoep is verwonderd, maar uit zich niet. Hij heeft zijn leven verluierd en vergooid; hij heeft z'n dochter aan Ibrahim verkocht; hij heeft gemoedelijk toegezien, toen Siti bij de njonja van de fabriek was; hij heeft zich niet tegen de slechte M'bok Merah verzet. En nu krijgt hij goed voor kwaad vergolden. Waarom doet Siti dat alles? Waarom verzorgt ze hem en verdient ze geld voor hem in de waroeng,zij,die een opvoeding als een grote dame heeft gehad? Eens kan hij zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen: „Siti, waarom ben je zo goed?" vraagt hij.

En het meisje: „Ik ben niet goed, maar Goesti Jesoes heeft mij liefde geleerd."

Een ernstige poging van Siti om haar vader iets van den Heere Jezus te vertellen mislukt geheel. Hij wil niet luisteren: „Ik ben te oud," zegt hij, „en begrijp die nieuwigheden niet." Maar iedere dag kan hij genieten van Siti's daden. En in die daden schrijft Christus een levende brief. Een brief, die de Javanen en Soendanezen duidelijk kunnen lezen.

„Waarom is zij zoo?" vraagt een oude dorpsbewoner.

En het antwoord luidt: „Omdat zij een Christin is."

„Haar vader heeft haar uit huis gezet I"

„Zij is net als de zendeling van Tjideres, die den man, die bij hem ingebroken had, genas, toen hij bij deze gelegenheid gewond werd."

Siti heeft in haar waroeng tractaatjes in het Javaans

Sluiten