Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat aan Tom Vanheem herinnerde. Op zijn horloge stond voluit zijn naam gegraveerd. En hij had ook nog een zakboekje bij zich. Graag of niet, van die twee schatten moest hij afstand doen. Hij zou ze hier in de grond verstoppen. Later kon hij aan Sandyman vragen, ze Voor hem terug te halen. Sandyman kon zoeken als de beste speurhond.

Nu weet ik niet eens meer, hoe laat of het is, dacht Tom, toen hij het kuiltje onder de boom weer had dichtgegooid. Ik word nog een echte Robinson Crusoë.

Hij was er maar wat content over, dat zijn pak was gescheurd. Wel, hij zag er uit als een schooier. Geen mens zou op zo'n armen drommel acht slaan.

Dapper stond Tom weer op om zijn weg te vervolgen. Hij floot een deuntje, alsof hij zich echt op zijn gemak voelde. Maar daar was geen sprake van. Hij zou er wat voor gegeven hebben, als hij thuis was gebleven en lange sommen had moeten maken van zijn moeder ! Nu hoopte hij zelfs, dat zijn moeder in de loop van de morgen naar de leerkamer toe zou zijn gegaan. Ze zou zeker dadelijk naar alle kanten mensen uitgestuurd hebben om naar hem te zoeken. Wat een wegkruipersspelletje. Veel plezier had hij er toch niet in !

Opeens bleek hij het kreupelhout uit te zijn. Hij was nu op een rotsachtig plateau, waar alleen wat cactussen groeiden. Het was aan alle kanten door doornig struikgewas afgesloten. Daarom was hij er natuurlijk nog nooit geweest met Flambeau. Die zou er zich wel voor wachten, zijn tere pootjes tussen die dorens te steken*

Het plateau lag heel stil in het heldere zonlicht. Toch durfde Tom het niet oversteken. Hij had zichzelf nu eenmaal bang gemaakt. Nu had hij het gevoel, of er links en rechts mensen door de struiken stonden te loeren, die zichzelf afvroegen : „Hé, hoe komt die jongen daar zo heel alleen uit het bos ? Waar komt

Sluiten