Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Beste heerbroer," schreef die Riek.

„Ik moest van moeder dadelijk je brief beantwoorden, vant zij is blij met ieder kruimeltje nieuws, dat ze van je [rijgt. Ik geloof, dat ze wel zou willen, dat je iedere maand ichreef, maar zij begrijpt heel goed, dat je drukke werk je n de weg staat. Gelukkig maar, dat ik zo n jaartje bij je jeweest ben ! Iedere avond moet ik nog vertellen, van alles vat ik bij jou in Amerika heb beleefd. En ik doe ook niets iever dan dat! Toen hier van de winter de sneeuw heel jarig lag uitgemeten op de stoepjes, haalde ik natuurlijk op, 10e hoog bij jou de sneeuw kon liggen. En hoe wij 's morgens met schoppen aan het werk gingen, om vóór de heilige Mis zen pad uit te scheppen, eerst naar het zusterhuis en dan naar ie kerk. Nu het weer voorjaar is en de schapen naar de markt komen, staat moeder iedere week op uitkijk, of ze niet een Duden scheper kan vinden, die haar echte onvervalste schapewollen wanten zal willen verkopen. Ze denkt, dat die zullen helpen tegen je wintervingers. Want ze vindt het erg, dat je julke stijve vingers hebt, als je de H. Mis opdraagt.

Je moest kunnen zien, hoe moeder luistert als ik haar vertel van je parochianen. „Komen die uren gereden met een auto om naar de Zondagse Mis te gaan ? vraagt ze. Maar als ik haar dan vertel, hoe ze op het plein voor de kerk met elkaar staan te praten, en hoe ze daarna koffie drinken bij de zusters en dan het eerste uur nog niet denken over weggaan, zegt ze i „Kijk, dat is dan toch precies eender als vroeger bij ons in het dorp.”

Ze kan zich ook niet begrijpen, dat die mensen in Amerika geen begrip hebben van een koningin. Weet je nog, hoe wij gelachen hebben, toen ik in de koffiekamer voordeed, hoe de koningin zat te buigen op haar zitbank in het rijtuig, als ze door de stad reed ? En toen daar iemand achter mij een

Sluiten