Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eén enkele reiziger bleef onder de booglampen achter. De stationschef opende het hek voor de uitgang. Hij knipte het kaartje van dezen bizonderen gast en keek hem eens aan. „Goede avond, mijnheer."

„Goede avond, chef."

Zonder meer te zeggen stapte de reiziger de weg op, die

onverwachts verlicht werd door de lampen van een naderende auto. Die kwam uit de richting van Happy-town. Met een ruk stond hij stil. De stationschef zag tot zijn verbazing, dat mijnheer Vanheem zelf uitstapte en voor den vreemdeling het portier opendeed. De auto draaide en stoof terug.

Er gebeuren vreemde dingen dezer dagen, dacht de chef. Hij deed de lichten van het station uit, en gebouwen, rails, weg en bossen waren verdwenen.

Zo donker als

,,6oede avond, mijnheer

Sluiten