Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat die Tom dan toch maar een kraan was en alle kinderen fijn aan een feest had geholpen.

„Lang leve Tom Vanheem 1” riep hij. „Lang leve Tom Vanheem 1”

Op dat ogenblik kwam juist mijnheer Vanheem naar voren. Zijn gedicht stond even vastberaden en strak als op het drukste uur in de fabriek. Hij bromde in zichzelf: Zo'n rakker, zo'n kwajongen, zo’n aap. Ik zal hem een pak voor zijn broek geven, hier voor het volle front. Zijn moeder zo in angst te laten zitten. „Tom, drommelse deugniet....” riep hij hard.

„Lang leve Tom Vanheem 1” riepen de kinderen Freddie na.

„Lang leve Tom Vanheem! Lang zal hij leven in de gloria 1”

Er kwam geen einde aan het gejuich.

Mijnheer Vanheem keek verrast rond. Vlak bij hem stond de vader van Frank. Die kon ook niet ontkomen aan de vreugde van het ogenblik.

„Die bengels denken er anders over dan wij, mijnheer,” zei hij zo maar tegen den gevreesden fabrikant.

„De rakker schijnt vrienden gemaakt te hebben,” antwoordde mijnheer Vanheem hem.

„Het zou goed zijn, als we zijn voorbeeld konden volgen, mijnheer,” zei Frank's vader eerbiedig.

Was dat nu die oproerige arbeider?

En was dat nu die verschrikkelijke fabrikant ?

„Ja, ja, dan hadden we heel wat minder zorgen,” zei mijnheer Vanheem.

„Lang leve de jarige, lang leve Tom Vanheem 1”

„Lang leve mijn vader 1” riep Tom geestdriftig in een kort ogenblik van stilte.

„Lang leve Tom zijn vader 1” riepen de jonge Arenden hem na.

Sluiten