Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN ALLERGELUKKIGSTE OPLOSSING

er binnen in de schuur nu ook maar een beetje behoorlijk uitziet!”

„Dat zal wel niet zo mooi wezen. Met een beetje goeie wil knappen wij dat zelf wel op. Een gelegenheid om te zitten en te slapen lijkt me voldoende. Ik denk dat we toch het meest in de openlucht zullen bivakkeren.”

„En eten koken?”, vroeg Hans opeens met een verschrikt gezicht, want hij was een geweldige liefhebber van lekker eten.

„Dat doen wij natuurlijk niet”, antwoordde Kees.

„Qeen eten koken?”

> „Een broodje met kaas is voldoende.”

Het gelaat van Hans vertoonde nu sporen van een geweldige afkeer.

„Daar komt niets van in, mannetje!”, zei hij toen. „Als we geen eten koken, blijf ik liever thuis.” #

Kees sloeg zijn vriend lachend op de schouder en zei: „Dat doen we natuurlijk wèl. Op een houtvuurtje kookt het wat lekker. Er spoelt hier langs de Maas een hele boel dood hout aan, dat in het zonnetje in een ommezientje droog is.”

Hans’ gezicht klaarde helemaal op en evenals Kees kreeg hij voor het plan van den havenmeester al meer en meer bewondering. Er was al zelfs een zekere geestdrift te bespeuren in de draf, waarop de beide vrienden naar de loods snelden om het innerlijk eveneens aan een grondig onderzoek te onderwerpen.

„De deur is dicht, Kees”, riep Hans, die het eerst bij de schuur aangekomen was.

„Jo dat k&n niet. Ik wed dat er nooit een slot op de deur gezeten heeft”, antwoordde Kees, ook bij de loods komend.

„Dat denk je maar. Er zit zelfs een nieuw slot op!”

Kees kwam al gauw tot de ontdekking, dat Hans gelijk had. De deur van de loods was gesloten met een slot dat zo op het eerste gezicht splinternieuw was.

„Het kan er hoogstens maar een paar dagen inzitten”, verklaarde Kees, het slot nauwkeurig onderzoekend.

Sluiten