Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TERWIJL HET KAMPVUUR VLAMDE

een bijzondere reden voor heb. Als alles loopt zooals ik ver» moed, dan zullen jullie met hetgeen ik je nu ga vertellen, beter de gebeurtenissen begrijpen die je gaat beleven.”

Er kwam nu beweging in Hans en Kees. Er zou dus iets gaan gebeuren! De woorden die de vreemdeling zo even geuit had wezen in de richting van een bekentenis. Als ze nu maar niets zeiden, den man niet meer in de rede vielen, dan zouden zij ongetwijfeld iets meer vernemen van zijn daden.

„Om goed te begrijpen wat ik ga vertellen, jongens”, zo ging de vreemdeling verder,” moeten jullie weten dat Japan een land is, waar de middeneeuwse toestanden het langst hebben stand gehouden en waar de moderne beschaving te laat is binnengedrongen. Het was in het jaar 1868, dat men pas kon spreken van een opheffing der feodale toestanden, dat wil dus zeggen van het leenstelsel: daar hebben jullie op school wel eens iets over gehoord zeker.”

De jongens bepaalden zich met zwijgend toestemmend te knikken.

„In die tijd”, zo vervolgde de vreemdeling zijn verhaal, „ging het er in Japan een beetje vreemd toe. Het was een ruw en wreed tijdperk, wat wel het beste tot uiting kwam in het feit, dat een echte Japanner twee zwaarden droeg. Het is speciaal over die Japansche zwaarden, dat ik jullie vanavond iets wil vertellen.”

De vreemdeling zweeg even als wilde hij zijn gedachten verzamelen en ging toen verder.

„Het dragen van een zwaard was in Japan een landsgewoonte.

De Japanner, in ’t bijzonder natuurlijk de krijgsman, was zo gehecht aan zijn zwaard, dat er een spreekwoord ontstond wat zei: „Het zwaard is de stoffelijke ziel van den krijgsman.” Zelfs schooljongens, jongens als jullie zijn, droegen in dat merkwaardige tijdperk een keine dolk ter zelfverdediging. Pas in het jaar 1876, dus nog niet eens zo heel lang geleden, kwam er een keizerlijk bevel, waarbij het dragen van een zwaard verboden werd en strafbaar werd gesteld, Ik vertel julUe dat allemaal, niet

Sluiten