Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XI

H BESLUIT

et was een heel gezelschap dat op de avond van de dag, die

roei zuiK een verrassende ontknoping begonnen was, bijeen zat in de geriefelijke werkkamer van Notaris Bakker. In de allereerste plaats waren daar de notaris zelf en zijn vrouw, die met een voortreffelijke nauwgezetheid de thee serveerde. De persoon die dan het eerst opviel was de man, dien wij hebben leren kennen als den vreemdeling. De man die zich later zo verrassend ontpopte als de heer Walter Westwood, amateurdetective van beroep. Verder waren er in het vertrek aanwezig de stuurman van de boot, welke het nachtelijk S.O.S. had uitgezonden, oom Henri, de bekende Amsterdamse kunsthandelaar, inspecteur Blok, havenmeester Brandsma 'en zijn vrouw en tenslotte onze beide vrienden hans en Kees. Het was merkwaardig te zien, hoe op ieders gelaat, uitgezonderd dat van den vreemdeling, grote nieuwsgierigheid te lezen stond. Dat was natuurlijk geen wonder. Degenen die het avontuur van de achtervolging hadden meegemaakt, met de daaraan verbonden verrassende ontknoping, verlangden naar eén verklaring en de overige leden van het gezelschap waren door hetgeen men hun van de beleefde gebeurtenissen had verteld, al even nieuwsgierig geworden. Misschien waren de beide jeugdige vrienden wel het meest nieuwsgierig. Want nu het avontuur zo geheel anders afgelopen was dan men gedacht had, was het aan geen twijfel onderhevig of hun houding in de kampdagen was niet zo dom als zij eerst gemeend hadden. Op het witte vest van den vreemdeling werden dan ook heel wat blikken gevestigd en iedere blik scheen te zeggen: „Vooruit nu, mijnheer Westwood, laat ons niet langer nieuwsgierig.”

Mijnheer Westwood wachtte echter rustig tot Mevrouw Bakker allen voorzien had van een tweede kop thee en toen pas bracht hij de hand aan zijn mond, om als volleerd verteller te beginnen met een deftige kuch. Onmiddellijk hield het fluisteren

Sluiten