Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een hond blafte, heel hard en heel blij. Het lichtje kwam vlug aanzweven. Een stem zei: „Ik heb hem al, Gerritl.... Hij slaapt, die rakker!"

Toen namen twee sterke armen Bertus op en droegen hem weg. Het bos door. ... Een akker over.... Een schuur door.... Een kamer in. Die zetten hem neer in een grote stoel.

Daar was een moeder. Die gaf een kleine, slapende deugniet twee zoenen op zijn dichte ogen.

Toén werd Bertus wakker. Hij zag.... een groot bord met bietjes en spek. Hij zag moeder en vader en oude Gerrit en Bruno, zijn vriend. En allemaal keken ze blij. „Moeder," vroeg Bertus, „hebt u gehuild?"

Sluiten