Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE EERSTE REIS VAN SINDBAD DE ZEEMAN

Voordat Sindbad zijn vaderstad bereikte maakte bij nog een vreemd avontuur mede. In een woeste streek zag hij een neusboomdier in gevecht met een olifant. Deze olifant was er geen van het gewone soort, maar een veel grootere. ’t Was een mammoet, zooals die tegenwoordig niet meer bestaan.

Met zijn slagtand stak de mammoet in 'toogvan den neushoorn, maar deze boorde met de scherpe punt op zijn neus diep in de lenden van den olifant. Zoo vochten de beide beesten bloedend verder, totdat opeens een reusachtige vogel nederdaalde. ’tWas de Roe. Deze stak zijn sterke klauwen uit en nam den mammoet en den neushoorn tegelijk mee de lucht in, tot groote verbazing van Sindbad. die uit een schuilhoekje alles had afgekeken.

Al koopende en verkoopende trok Sindbad verder in de richting waar volgens het zeggen der menschen Bagdad moest liggen. Hij was een handig zakenman en zijn goederen namen met den dag toe. ’t Pak met kostbaarheden op zijn rug werd steeds grooter. 't Was natuurlijk niet gemakkelijk voor Sindbad om dat heele zaakje den heelen dag voort te sjouwen, maar Sindbad was een flinke kerel en niet voor een klein beetje moeite vervaard. Eindelijk bereikte hij een berg en nadat hij deze beklommen had, zag hij Bagdad aan zijn voeten liggen.

Sindbad had wel kunnen schreien van vreugde. Met grooten luister werd hij door zijn verwanten en kennissen ingehaald en sedert dien bleef hij in Bagdad een der voornaamste bewoners. Maar al vond hij Bagdad een fijne stad, toch zou hij later nog wel eens een reisje maken.

Sluiten