Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voor alle zekerheid bepalen we daarna nog de richting C—D, die 180° of 32 s met die van A—B moet verschillen en dus 19 s moet zijn. (D—C is hetzelfde als A—B).

Zoo kunnen wij ook andere hoeken uitzetten: zoo is bijv. 64

45° 8 s; 60° —— s of bijna 11 s.

6

Op soortgelijke manier kan het kompas dienst doen bij het bepalen van de breedte van rivieren e.d.

Afbeelding 9 laat een mehode zien, die je waarschijnlijk

wel eens hebt toegepast. Je wilt van A naar B een brug over een rivier bouwen en moet daarvoor de breedte berekenen om na te kunnen gaan hoeveel hout, touw enz. noodig zal zijn.

We loopen daartoe langs de oever met een stuk papier, een krant bijv., waarin een hoek van 45° is gemaakt, die je gekregen hebt door een rechte hoek door midden te vouwen.

12 uren voor en 4 uur later dan 10 uur is 14 uur of 14 — 12 = 2 uur.

Iets soortsge) ijks kan zich voordoen hij het aftrekken. Heb je bijv. als richting: 13 s en moet daarvan 20 s. worden afgetrokken, dan vind je 13 s — 20 s of — 7 s, wat beteekent 7 s ten O. van het Noorden, of 64 s — 7 s = 57 s. Bij een dergelijke aftrekking mag je dus een heele cirkelomtrek of 64 s bij tellen : 13 s — 20 s = f64 s) —- 7 s = 57 s.

Do richting A—B (afb. 7) is juist tegengesteld aan B—A, en verschilt daarmee een halve cirkelomtrek of 32 s. Is dus A—B 51 s. dan is B—A 51 s — 32 s = 19 s. A—D is '3 s, dus D—A 3 s + 32 s = 35 s.

Sluiten