Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VII. 1573—1576:

CLUSIUS TE WENEN; DE SPAANSE FLORA

In de Oostenrijkse landen regeerde in 1573 Maximiliaan II. In tegenstelling met de landen van West-Europa heerste in het Duitse Rijk vrijwel vrede, sedert Ferdinand I in 1558 aan de regering was gekomen. Deze vrede wilde echter volstrekt niet zeggen, dat er de verschillen tussen Protestanten en Katholieken waren opgeheven. De Contra-Reformatie wanhoopte geenszins aan een herovering van de Duitse landen, maar het Katholicisme bezat vooreerst nog niet de kracht om de zaak van de godsdienst fors aan te pakken. Ferdinand I, hoewel zelf streng katholiek, hield de voortgang van het Protestantisme niet tegen. Zijn zoon, Maximiliaan II, die hem in 1564 opvolgde, was zelfs het Protestantisme toegedaan. Slechts de hoop, om Wellicht bij overlijden van Don Garlos, den Spaansen troonopvolger, diens landen te zullen erven, had hem van de overgang naar het Protestantisme weerhouden. Ook het katholieke karakter, dat de keizerlijke waardigheid van het Heilige Roomse Rijk ongetwijfeld bezat, weerhield hem de stap te doen, die welhcht Duitsland veel ellende had bespaard en in het Rijk reeds veel eerder het nationale besef zou hebben wakker geroepen.

Maar ook moet niet worden vergeten, dat de Protestanten hun overwicht in hun sterke dagen niet hebben uitgebuit. Ook in Duitsland vierde dogmatische tweespalt onder de Protestanten triomfen, zowel tussen Lutheranen onderling, als tussen Lutheranen en Calvinisten. Toen het Katholicisme zich schrap zette voor de herovering der

Sluiten