Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Duitse landen vond het een godsdienstig en daarmede politiek verscheurd Protestantisme tegenover zich.

De machteloosheid van de Protestanten in Duitsland komt in onze vaderlandse geschiedenis overduidelijk tot uitdrukking, in het hizonder, wanneer men de onverschilligheid en onwil in het oog vat, die de Duitse vorsten betoonden in zake de pogingen van Willem van Oranje om deze landen te ontrukken aan Spanje en het Katholicisme. Evenmin bereikte Duitsland iets in de Hugenotenoorlogen of wist voordelen, op de Turken behaald, op enige wijze tot eigen versterking te gehruiken.

Het plan van Maximiliaan was, om Clusius op te dragen een medicinale kruidtuin voor hem in orde te brengen. Clusius vreesde echter, dat een dergelijke opdracht niet geheel strookte met zijn stand; hij meende, dat dit meer het werk van een tuinman was en gaf aan Maximiliaan te kennen, dat zijn Nederlandse vrienden hem hierover zouden bespotten, omdat zulk werk niet in overeenstemming was met de rang van edelman. Maximiliaan nam toen onmiddellijk Clusius op in het album der edelen, verbonden aan zijn hof, gaf hem een honorarium van 40 gulden per maand en daardoor het recht om vier paarden te houden. Zo was Carolus Clusius als „Praefectus van de keizerlijke medicinale kruidtuin” dus hoveling geworden.

Clusius kreeg geen verblijf toegewezen in de gebouwen van het hof, maar nam zijn intrek bij Dr. Johann Aicholtz, professor in de medicijnen en een am'ateur-botanist van betekenis. Behalve de keizerlijke kruidtuin en de tuin van Aicholtz had Clusius nog een eigen tuin tot zijn beschikking waar hij de uit de Nederlanden meegebrachte planten en bollen uitzette en zijn zaden kon uitzaaien.

Op de voorjaarsmarkt te Frankfort kwamen van de drukkerij van Plantijn twee werken van Carolus Clusius en wel de tweede, herziene en met een aantal afbeeldingen vermeerderde druk van de „Aromatum historia” en de verkorte, Latijnse bewerking van Monardes’ werken:

Sluiten