Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alzoo geerne zal mede deilen, als ic my mijnheere andermael gunstelijck recommendere in u.E. goede gratie”.

Een dusdanig hoofs schrijven was een verademing tussen al de opdringerige brieven, waarmede Clusius, gelijk boven is vermeld, werd lastig gevallen. Hij antwoordde dan ook dadelijk en zond „8 tulipan, sommige stuycken diversche anemone, twee bulbus muscari, twee crocus vermis met gout geele bloemen, eene autumnalis met witachtige bloemen, twee dentes caninos, vier dobbel narcissen, een witte hiacinthe oriëntale met sommige saeden van tulipans, saet van crocum vemum Havo et aureo flore, lilium montanum albo flore, hyacinthi albo flore, fritillaria”. Het spreekt wel vanzelf, dat hij van enige geldelijke recompensatie niet wilde weten.

Zachtjesaan ging Clusius’ gezondheid toch vooruit. Hij kon bezoeken brengen aan Den Haag; ook ging hij al weer botaniseren in de omgeving, waarbij hij zijn tochten zelfs uitstrekte tot Egmond. De verbetering was evenwel niet blijvend, want de gehele maand Februari 1597 lag hij weer met hevige pijnen te bed. Maar reeds in de zomermaanden van datzelfde jaar was hij weer zover hersteld, dat hij een reis naar Amsterdam kon ondernemen. Zo sukkelde hij voort, nu eens door pijnen gemarteld en tot werkeloosheid gedoemd, dan weer beterende en terzelfdertijd dadelijk druk bezig met zijn arbeid, zijn studie, zijn enige liefde.

Hoe goed zijn nieuwe Zeeuwse vrienden voor hem zorgden, hoe zorgvuldig zij observeerden ook, blijkt uit een brief van Johan de Jonghe Jun., predikant van de Hervormde gemeente te Middelburg, die hem 14 Mei 1596 schreef: „lek seynde u.E. mits desen het contrefeytsel van een seeckere soorte van Tulipan van gelijeke groote, ende hoochde, van bolle, steele, blomme ende andersins alsoo u.E. dat tegenwoordich siet, alleen sijn die bladers lanekwerpiger ende smal. Want ick datzelve soo nauwe hebbe doen afsetten als mogelick was, ooc den bolle ontbloot op dat hem de schilder mochte sien. Dit blomken heeft nu dry jaeren in mijnen hof gebloeyt, alle jaer maer een blomme dragende, egheen blomme dragende soo

Sluiten