Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 3

neeskundige, het personeel, dat met zijn verpleging is belast, een bedienaar van den godsdienst en een notaris, alleen zij toegelaten, die daartoe van den directeur der inrichting vergunning hebben verkregen en zich onderwerpen aan de voorschriften, welke die directeur geeft.

3. Totdat de door den burgemeester onder goedkeuring van den inspecteur aangewezen geneeskundige of de inspecteur schriftelijk heeft verklaard, dat het gevaar voor besmetting is geweken, is het den bewoners verboden, de woning, het vaartuig of voertuig te verlaten, tenzij op last van den burgemeester tot het ondergaan van maatregelen van afzondering, reiniging en ontsmetting, en is het ieder ander, met uitzondering van een geneeskundige, een bedienaar van den godsdienst en een notaris verboden daarin binnen te treden, tenzij met toestemming van of van wege den burgemeester. Hen, die in strijd met dit verbod in de woning, het vaartuig of voertuig binnentreden, doet de burgemeester aan dezelfde maatregelen als de bewoners onderwerpen, onverminderd de straf, op de overtreding gesteld.

4. De burgemeester draagt zorg voor de naleving van het bepaalde in het eerste en het derde lid. Hij doet daartoe, totdat de in het derde lid bedoelde geneeskundige of de inspecteur heeft verklaard, dat het gevaar voor besmetting is geweken, hetzij tijdelijk één of meer bewoners naar een andere verblijfplaats overbrengen, hetzij de woning sluiten en het vaartuig of voertuig in beslag nemen, hetzij de woning, het vaartuig of voertuig onder bewaking stellen, hetzij een kenmerk

Sluiten