Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 11

Lid 1 : Zie artikel 37 dezer wet.

-— Zie het op blz. 73 onder de bijlagen dezer wet opgenomen besluit van 1 October 1929, S. 448.

— Zie de laatste aanteekening bij artikel 8.

— Bestaat er vermoeden, dat een lid van het onderwijzend personeel van een school of een leerling gevaar oplevert voor besmetting, dan is de gezondheidszorg thans machteloos indien men een onderzoek door een geneeskundige weigert of de geneeskundige weigert een verklaring af te geven. Dit artikel voorziet in deze leemte. Wil men zich niet aan het onderzoek onderwerpen, dan moet men de school verlaten en daaruit wegblijven, totdat een geneeskundige verklaring wordt overgelegd, die de noodige zekerheid geeft. Opdat daarbij niet volstaan worde met een zinledige formaliteit, moeten bij algemeenen maatregel van bestuur daarvoor eischen worden gesteld. (M. v. T.)

Art. 10. 1. De burgemeester gelast geheele of gedeeltelijke sluiting van een kinderbewaarplaats of een school, indien de inspecteur hem schriftelijk verklaard heeft, dat het gevaar voor de verspreiding van een besmettelijke ziekte dat naar zijn meening noodzakelijk maakt. De sluiting blijft gehandhaafd, totdat de inspecteur het gevaar geweken acht.

2. Indien de burgemeester bezwaar heeft tegen het advies van den inspecteur, kan hij binnen 12 uur nadat hem dat advies bereikte, de beslissing van Onzen Minister vragen, onder opschorting van de uitvoering van dat advies. Het schoolbestuur kan bij Onzen Minister in beroep komen. De burgemeester voert de beslissing van Onzen Minister onverwijld uit.

Art. 11. Bij het vervoer van een lijder aan een besmetteüjke ziekte van groep A of van groep B of van een persoon, die door den behandelenden geneeskundige

Sluiten