Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 18

willig een ontsmettingsdienst instelde. Het Rijk subsidieerde daarvoor krachtens de artt. 5b en 5c van de wet van 1872. Verschillende gemeenten hebben thans reeds krachtens contract met particuliere of openbare ziekenhuizen de beschikking over een gelegenheid tot verpleging van lijders, die afgezonderd moeten worden. Er zijn gemeenten, die, zooals in den laatsten tijd nog is voorgekomen, een lijder zouden moeten afzonderen in een hok of iets dat niet veel meer is dan dat. Dezulke zullen een regeling moeten treffen, zooals te elfder ure ook in dat geval gebeurde, met een bestaand ziekenhuis. (M. v. A.)

— Op een desbetreffende tot den Minister van Arbeid, Handel en Nijverheid, en den Minister van Staat, Minister van Binnenlandsche Zaken en Landbouw schriftelijk gestelde vraag antwoordden dezen op 25 November 1931 :

Indien voldoende zekerheid bestond, dat in de naaste toekomst geen besmettelijke ziekten zouden uitbreken, zouden de gemeenten de voorbereiding van maatregelen tegen besmettelijke ziekten, als bedoeld in de Besmettelijke Ziektenwet 1928 {Staatsblad n°. 265), voorloopig achterwege kunnen laten. Die zekerheid kan evenwel niet worden gegeven. De kans op het uitbreken en verspreiden van besmettelijke ziekten is integendeel door de huidige ongunstige economische omstandigheden eerder grooter dan kleiner geworden.

Tot nu toe is de toepassing van artikel 18 der Besmettelijke Ziektenwet 1928 {Staatsblad n°. 265) nog niet noodzakelijk gebleken. Het ligt ook niet in de bedoeling van de ondergeteekenden in de toekomst over te gaan tot toepassing van dit artikel op gemeenten, die toonen tot vrijwillige samenwerking te willen komen.

Financieele overwegingen behoeven niet licht van het treffen van voorzieningen te weerhouden, omdat mag worden aangenomen, dat een gemeente de noodige maatregelen goedkooper in samenwerking met andere gemeenten kan treffen dan zelfstandig.

Bovendien zullen de kosten, welke een gemeente moet maken, veel grooter zijn, indien zij plotseling door het uitbreken van een besmettelijke ziekte wordt verrast, dan wanneer tijdig de noodige maatregelen zijn genomen.

Sluiten