Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 20

— Volgens het oorspronkelijke wetsontwerp (art. 18, lid 2) zou door de gemeentebesturen aan hen, die tengevolge van de toepassing van artikel 6 een beroep of bedrijf moeten opgeven (de z. g. bacillendragers), een tegemoetkoming in schade kunnen worden toegekend, voorzoover zij on- of minvermogend zijn.

Blijkens de aanneming van een desbetreffend amendement van de Commissie van Rapporteurs had de Kamer er bezwaar tegen, dat de gemeenten op nieuwe lasten zouden worden gebracht en dat alleen on- en minvermogenden en niet kleine middenstanders vergoeding zouden kunnen krijgen.

De Minister vroeg schorsing van de behandeling en diende daarna een gewijzigd ontwerp in, waarbij deze bezwaren werden ondervangen. De Minister merkte daarbij t. a. v. de genoemde punten het volgende op:

Voor ziekten van groep A is vergoeding van schade door maatregelen van afzondering, enz. al in de wettelijke voorschriften opgenomen, voor ziekten van groep B komt zij practisch reeds voor. Nieuw is alleen de vergoeding in zake de bacillendragers. Wordt de beslissing ‘zuiver gesteld, dan moeten de kosten voor dezen door het Rijk gedragen worden.

De redactie van het aangenomen amendement houdt, wat de personen, die voor een vergoeding in aanmerking komen, betreft, geen enkele beperking in, evenmin als het nieuwe eerste lid van artikel 19. Evenwel is in het nieuwe derde lid van dit artikel met betrekking tot de bacillendragers een beperking opgenomen: „derven van inkomsten, die voor het levensonderhoud noodzakelijk zijn”, waardoor aan de bedoeling van het amendement niet wordt te kort gedaan, maar wordt uitgesloten de mogelijkheid, dat ten behoeve van een welgestelde op ’s Rijks kas een beroep wordt gedaan.

Zie het volgende artikel.

Art. 20. 1. Onder de voorwaarden, bij algemeenen maatregel van bestuur te stellen, wordt uit ’s Rijks kas eene bijdrage verleend van vijftig ten honderd:

1°. van de kosten van oprichting, vernieuwing en uitbreiding van een gemeen-

Sluiten