Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1°. gezondheidsonderzoek;

2°. de opvarenden, die lijden aan cholera, worden ontscheept en overgebracht naar de daarvoor aan te wijzen inrichtingen, waar zij worden afgezonderd en verpleegd tot zij geen gevaar voor het overbrengen van besmetting meer opleveren;

3°. de bemanning en de passagiers kunnen onderworpen worden aan eene waarneming of toezicht gedurende vijf maal 24 uur na het oogenblik van aankomst van het schip.

Zij, die kunnen aantoonen, dat zij gevaccineerd zijn tegen cholera meer dan zes dagen en minder dan zes maanden geleden, mogen niet onder waarneming, doch ten hoogste onder toezicht worden gesteld, tenzij zij blijken vibrionendragers te zijn. In dit geval vindt toepassing artikel 8 van Ons besluit van den lsten October 1929 (Staatsblad n°. 448), ter uitvoering van de Besmettelijke-Ziektenwet (Staatsblad 1928, n°. 265);

4°. het vuile linnen, de benoodigdheden voor dagelijksch gebruik en die voorwerpen, eet- of drinkwaren, welke als besmet te beschouwen zijn, worden ontsmet;

5°. de gedeelten van het schip, welke bewoond zijn geweest door choleralijders of welke om andere redenen als besmet zijn te beschouwen, worden ontsmet;

6°. bij de lossing worden de noodige maatregelen genomen ten einde te voorkomen, dat het te werk gestelde personeel aan besmetting bloot staat.

Dit personeel Wordt onderworpen aan eene waarneming of aan een toezicht gedurende vijf maal 24 uur na het oogenblik waarop hunne werkzaamheden bij de lossing zijn geëindigd;

7°. het drinkwater aan boord wordt, indien het verdacht is, ontsmet en vervangen door goed drinkwater;

8°. ballastwater, ingenomen in een wegens cholera besmet verklaarde haven, mag slechts na voorafgegane ontsmetting geloosd worden;

9°. zonder vergunning van den burgemeester van de gemeente mogen vulling-, kiel- of ruimwater, huishoudwater, braaksel, urine en faecaliën slechts na voorafgegane ontsmetting worden verwijderd.

S. & J. n°. 26, 3e dr. 6

Sluiten