Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Besluit van den 11 den Februari 1936, S. 840, tot uitvoering van de wet van 26 October 1935 (Staatsblad n°. 626) tot regeling van het sanitair toezicht op de luchtvaart.

Wij WILHELMINA, enz. ;

Op de voordracht van Onze Ministers van Sociale Zaken en van Waterstaat van 11 No-, vember 1935, n°. 1816 H/Dossier21, Afdeeling Volksgezondheid, en van 19 November 1935, n°. 471, Luchtvaartdienst;

Gelet op de artikelen 2, 9, 11 en 12 der wet van 26 October 1935 (Staatsblad n°. 626) tot regeling van het sanitair toezicht op de luchtvaart ;

Den Baad van State gehoord (advies van 23 December 1935, n°. 33);

Gezien het nader rapport van Onze Ministers van Sociale Zaken en van Waterstaat van 14 Januari 1936, n°. 2074 H/Dossier 21, Afdeeling Volksgezondheid, en van 30 Januari 1936, n°. 472, Luchtvaartdienst;

Hebben goedgevonden en verstaan te bepalen:

§ 1. Algemeen.

Art. 1. In dit besluit wordt verstaan :

onder „wet'': de wet van 26 October 1935 (.Staatsblad n°. 626) tot regeling van het sanitair toezicht op de luchtvaart;

onder „inspecteur": de geneeskundige inspecteur van het ambtsgebied, waarin het luchtvaartterrein of de gemeente van aankomst en (of) vertrek van een luchtvaartuig is gelegen ;

onder „ Verdrag'': het Internationaal Sanitair Verdrag voor de Luchtvaart, gesloten te 's-Oravenhage op 12 April 1933 (Staatsblad 1934, n°. 168);

onder „luchtvaartuig" : elk toestel, dat zich in den dampkring kan houden door toedoen van den weerstand der lucht en dat bestemd is voor het luchtverkeer;

onder „luchtvaartterrein": een ingevolge de Luchtvaartwet voor het internationale luchtverkeer aangewezen of daarmede gelijkgesteld terrein;

onder „luchtvaartterreinmetgezondheidsdienst'': een luchtvaartterrein, dat is ingericht en uitgerust overeenkomstig het bepaalde in artikel 5

Sluiten