Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6°. wanneer het drinkwater aan boord als verdacht wordt beschouwd, wordt het ontsmet, zoo mogelijk geloosd, en, na ontsmetting van de water bergplaats, vervangen door water van goede hoedanigheid.

18. Personen, die kunnen bewijzen minder dan zes maanden en meer dan zes dagen geleden tegen cholera ingeënt te zijn, mogen slechts aan toezicht worden onderworpen. Dit bewijs moet bestaan uit een geschreven en door een geneeskundige onderteekende verklaring, wiens handteekening moet zijn gelegaliseerd; bij gebreke van legalisatie moet de verklaring mede onderteekend zijn door: óf den geneeskundige, die verbonden is aan een luchtvaartterrein met gezondheidsdienst, óf een niet met het bewerkstelligen van de inentingen belast persoon, die bevoegd is tot het waarmerken van paspoorten.

Van maatregelen tegen vlektyphus.

19. Luchtvaartuigen, afkomstig uit een met vlektyphus besmetten kring, doch aan boord waarvan zich geen ziektegeval heeft voorgedaan, worden, wanneer de reizigers en (of) de bemanning minder dan twaalf dagen geleden een kring, waarin de vlektyphus epidemisch is, hebben verlaten, aan de volgende maatregelen onderworpen :

1°. geneeskundig onderzoek van de bemanning en de reizigers ;

2°. de bemanning en de reizigers kunnen onderworpen worden aan een toezicht van niet meer dan twaalf dagen, te rekenen van den dag, waarop het luchtvaartuig den besmetten kring heeft verlaten.

20. Luchtvaartuigen aan boord waarvan zich een geval van vlektyphus voordoet, worden aan de volgende maatregelen onderworpen :

1°. geneeskundig onderzoek van de bemanning en de reizigers ;

2°. iedere zieke wordt onverwijld ontscheept, afgezonderd en zoo noodig ontluisd ;

3°. de overige personen, die aanleiding mochten geven tot het vermoeden, dat zij met luizen zijn behept, of aan besmetting blootgesteld zijn geweest, worden ontluisd en kunnen onderworpen worden aan een toezicht, waarvan de duur nimmer twaalf dagen, te rekenen van den •dag der ontluizing, mag overschrijden;

Sluiten