Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ondergeteekende, geneeskundige, gevestigd te: verklaart, dat

met

betrekking tot het bovengenoemde kind met hem overleg heeft gepleegd omtrent de vraag van de inenting.

den 19

Behoort bij Koninklijk Besluit van 12 April 1940 (Staatsblad No. 844).

Mij bekend,

De Minister van Sociale Zaken,

J. van den Tempel.

Model No. 1.

(Art. 2 Inentingswet 1939.)

Gemeente

Aan

Ondergeteekende herinnert U er aan, dat

de Inentingswet 1939 verplicht vóór

hetzij het onder Uw

ouderlijke macht

staande kind

voogdij

geboren den

te doen inenten tegen pokken en het door den geneeskundige af te geven bewijs van de inenting over te leggen ter gemeente-secretarie* hetzij te verklaren, waarom U het kind niet laat inenten, welke verklaring moet worden gesteld op een daartoe kosteloos ter gemeentesecretarie verkrijgbaar formulier.

Strafbaar is wie aan deze verplichting niet voldoet.

De Burgemeester van

Zie ommezijde

INENTINGSWET 1989.

Art. 1. Hij, die de ouderlijke macht of de voogdij uitoefent over een kind, is verplicht, voordat het kind den leeftijd van één jaar heeft bereikt, het bewijs te leveren, dat het kind met inachtneming van het bij of krachtens deze wet bepaalde tegen pokken werd ingeënt, of een door hem onderteekende verklaring over te leggen, houdende de reden, waarom zoodanige inenting achterwege wordt gelaten.

Art. 3. Het bewijs van de inenting, bedoeld in artikel 1, wordt geleverd door overlegging aan den burgemeester van de gemeente, in welker bevolkingsregister het kind staat ingeschreven, van een verklaring van den geneeskundige, die de inenting verrichtte, dat deze plaats had.

Art. 4. 1. De verklaring, bedoeld in ar

Sluiten