is toegevoegd aan uw favorieten.

Verstandig studeren en vruchtbaar werken : hoe leer ik het zelf en hoe leer ik het anderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

make een aantal kniebuigingen en ademoefeningen. Maar men wachte zich, de tijd te vullen met zwaar lichamelijke arbeid, rompbewegingen of andere afmattende sportverrichtingen. Immers de spanningstoestand, door ernstige toeleg op geestelijk werk ontstaan, moet worden opgeheven en mag dus zeker niet versterkt of vervangen worden door nieuwe wilsspanningen, zoals formele lichaamsoefeningen die eisen. De vrije vijf minuten moeten al onze arbeidskrachten rust verschaffen, om, zoals Krapelin zegt, „durch zweckmasziges Nichtstun Mehrleistungen zu erreichen". Niét erg is het, zelfs heel goed, dat men zich reeds bij het begin van zijn taak op de straks volgende pauze verheugt. Van zo'n kleine concessie aan onze gemakzucht, onze natuurlijke neiging tot bevrijding van de arbeidsteugels, zijn eer gunstige dan schadelijke gevolgen te verwachten. Het is experimenteel al lang bewezen, dat met een pauze in 't naaste verschiet meer gepresteerd wordt dan zónder dat vooruitzicht.

Afzonderlijk dient nog gewaarschuwd tegen de gevaren die de pauzen zelf met zich plegen te brengen. Het is vooral de „arbeidsbereidheid" — de uitdrukking is weer van Krapelin — die, zoals tal van proeven hebben aangetoond, verloren dreigt te gaan. Oppervlakkig beschouwd, schijnt het voor de hand te liggen, dat de prestaties na de rust direct zullen stijgen. Het tegendeel echter blijkt het geval te zijn: er is steeds teruggang. Wat niet anders te verklaren valt dan uit het feit, dat tijdens de pauze de juiste aansluiting-aan-het-werk zoek geraakt is, en nu opnieuw tot stand moet worden gebracht. Vooral als de rusttijden te lang worden genomen, komt dit nadeel sterk uit.

Iedere schoolman weet, dat er zelfs voor jonge leerlingen zo iets als „een blauwe Maandag" bestaat, van kinderen dus, die zich 's Zondags tocH zeker niet aan sport- of alcohol-misbruik hebben bezondigd. De eerste uren van de nieuwe schoolweek vormen het hoogtepunt der geestelijke ontoegankelijkheid. De lange Zondagspauze heeft het arbeids-contact zó totaal verbroken, dat er uren nodig zijn om het weer te herstellen.

Nog veel sterker komt het verschijnsel uit na de vacanties : op internaten gaan er dan in de regel dagen heen, vóór de kinderen weer „ontdooid" zijn en het werk opnieuw op gang geraakt.