is toegevoegd aan je favorieten.

Het begon met Napoleon

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK X.

Toen Bunt den volgenden morgen even voor elven weer in de kamer van Vermeer trad, zat deze niet als naar gewoonte achter zijn schrijftafel, maar hij liep te ijsbeeren door het vertrek en op Bunt's groet: „Moge meneer Vermeer", klonk niet veel meer terug dan een onduidelijke grauw!

Ze hadden elkaar gisteren na de pijnlijk-sensationeele confrontatie van Mevrouw Ver linden met het lijk niet meer gesproken; Vermeer was met mevrouw Verlinden, die ineens weer heelemaal rechtop liep en kwiek stapte, naar den uitgang geloopen, had de oude dame in haar auto geholpen en was toen zonder dat hij verder naar Bunt omzag, verdwenen.

Bunt had achter het tweetal aangestapt met de Hoofdverpleegster, die met een kort lachje had opgemerkt :

„Dat is ook een zonderlinge vergissing!" waarop Bunt, die niet wist wat hij er op zeggen zou en ook voor alles een neiging voelde om maar zoo gauw mogelijk te maken dat hij weg kwam, waarop Bunt gezegd had: „Ja zuster ... hm ... zeker ... dat is „... e ... Dag zuster !" en toen had hij de Hoofdverpleegster haastig gegroet en was ook wat men noemt de straat „opgesneld".

Dien dag had hij geen dienst meer gehad voor 's avonds negen uur en hij was dan ook maar van het politiebureau verre gebleven, liever dan Vermeer weer dadelijk te ontmoeten, al plooide soms een