is toegevoegd aan je favorieten.

Bruggenbouwers

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De telefoon gaat. En Taco schrikt even, de laatste dagen schrikt hij telkens als hij opgebeld wordt, hij wil het toch niet weten — niet eens voor zichzelf. Eergister aapte een meisje een mannenstem na, in de telefoon: „Als u weten wilt waar uw vrouw zich op dit oogenblik bevindt, Solwerda, dan kan ik u inlichten: hotel-restaurant Lunenberg onder Ballering, in het kamertje achter de eetzaal." „Och verdomme", vloekt hij in zichzelf. Hij neemt de hoorn op en praat snauwerig. „Hallo?, „De drie Meren". Zijn gezicht klaart dadelijk weer op. Juppers is daar, de kruidenier Juppers. Taco wordt erg vriendelijk. Juppers is een goeie klant. „Zal het even noteeren Juppers, ja zeker Juppers, ja, dat heb ik, gaat u door, goed, uitstekend ... Ja, ik zal het oplezen Juppers: zware gerst, zware haver en boekweit, zonnepitten, hennepzaad, duivenboonen en zangzaad. Zegt u Juppers? Weer voorradig — éen corps grooter dan de tekstletter!, lijkt u dat ook niet goed Juppers? Nog wat nadrukkelijker?, ja, dan in vet-kapitaal?, of twee corpsen grooter?, is misschien ook wel beter. En uw naam in blokletters ?, zeker Juppers, op de naam komt het aan. Zal er een pakkende advertentie van maken. Beloof ik u. Goedenmorgen Juppers, ik dank u wel." Hij gaat weer door met zijn werk . . .

En Godlief Vickers staat bij hem. „Solwerda, mag ik de schoone proef van mijn ingezonden stuk zelf even nakijken? Vorige keer waren er enkele drukfouten in achter gebleven." Godlief Vickers is een man met een spits kaal schedeltje en een bouwvallig gezichtje. „Best", geeft Taco toe, „zal het je laten aanreiken." Maar dan gaat Vickers nog niet weg. Hij zegt: „Een