is toegevoegd aan uw favorieten.

Koentje van Kattenburg

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan gaat hij. Vader brengt hem de trap af.

Als vader terugkomt, heeft hij in zijn handen een pakje. Hy houdt het omhoog.

— Dit gaf meneer me. Hij had het bijna vergeten, zei hij. Hy is toch een goeie! Daar moet ik maar eens goed in lezen, zeihy.

Vader opent het pakje boven de tafel. Alle hoofden buigen erheen.

Er is n i e t s in te lezen! ’t Is een gewoon notitieboekje ! Hij heeft vader er tussen genomen. Ze lachen, maar ze vinden het toch niet aardig.

— Ik kan het best gebruiken, zegt vader. Hij laat de bladzijden glippen tussen zijn vingers. En dan ineens: geldpapier!

Een bankje van vijfentwintig! Bijna drie weeklonen! Na de eerste verrassing zijn ze er stil van.

—• Zo zie je, er zijn nog wel goeie mensen, zegt dan eindelijk moeder.

Vader staat op, hij haalt zyn zilveren tabaksdoos en Koen voelt een rilling, zo zwaar van ernst zijn zijn woorden:

— Zo is het, Marie, gelukkig, die zyn er!

Hy bergt het geldpapier, slaat zyn hand over het deksel.

— We zullen er zuinig op zyn, moeder. Goed voor de komende winter.

Een paar dagen later loopt Koentje onder de blakerende zon naar school. De straat is stil van de hitte, al zijn er veel mensen en kinderen. Langs de grachten onder de bomen is het koeler. Koentje slentert, hij heeft de tijd nog. Hij loopt even bij Sientje Over aan.

— Ja, zegt Sientje, kom na de school maar. Neem Nelis mee, ik kan jullie wel een paar uurtjes gebruiken. En kom Woensdagmiddag ook, dan krijg ik de eerste partij snijbonen aan.