Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Behalve de meest in het oog vallende plekken levert Beekhuizen nog vele schoonheden op, die nog nimmer beschreven zijn, maar die voor den regtgevoeligen wandelaar, en vooral voor den schilder of dichter, niet minder bekoorlijkheid bezitten, zooals pittoreske partijen te midden van het bosch, en van sommige hoogten het gezigt over eene zee van boomtoppen, door den wind bewogen en golvende als de baren van een meer.

Het zou van weinig opmerkzaamheid getuigen, indien het bezoek van Beekhuizen den wandelaar niet tot de bekentenis drong, dat hij er in waarheid natuurgenot gesmaakt had, meer nog dan op vele andere, ook bezienswaardige plaatsen in Arnhems omtrek, Indien de Hoogduitsche zanger von Salis deze streek aanschouwd had, gewis zou hij ook hier hebben uitgeroepen:

O selig, wer, nach freier Herzenswahl,

In diesem Grund sich heimlich siedeln konnte!

Wie dort Petrarch im felsumragten Thai;

Wie Xenophon im landlichen Scillonte.

Op Beekhuizen zijn ten volle van toepassing de woorden van Petrarca;

Nè giammai vïdi valle aver si spessi Luoghi di sospirar ripostï e fidi. *)

Menig beoefenaar der oude letteren zal, wanneer hij in deze oorden verpoozing van zijne studiën zocht, met Horatius hebben uitgeroepen:

Ille terrarum mihi praeter omnes

Angulus ridet :

Sit mihi sedes utinam senectae !

(Dit plekje behaagt mij bovenal; o, mogten daar mijne dagen ten einde snellen!) Gelukkig, dat het snelle vervoermiddel tusschen Arnhem en de westelijke provinciën onzes lands den geleerde in staat stellen, om, zonder zijne woonplaats in „Geldersch Arkadia'' te vestigen, er van tijd tot tijd de jueunda oblivia sollicitae vitae te komen genieten.

*) Nimmer aanschouwde ik een dal met zooveel verborgene en vertrouwelijke plekjes, om er te kunnen zuchten en verlangen.

12