Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te zoeken; misschien kwam het toeval hem weer te hulp! Scherp

uisterend en spiedend was hij ongeveer twintig minuten voortgegaan, toen hij opeens het naargeestig fluiten van de jorka-fowloe ') hoorde! Wacht, dat kon hem wel eens op het spoor brengen! Hij wist, dat de jorka-fowloe zich graag ophoudt op plaatsen, waar hij iets bijzonders, iets ongewoons bemerkt heeft: hij gaat dan zó geheel op in het blijken en „befluiten" van het vreemde geval, dat men hem tot dichtbij kan naderen»

Zou dat niet een spoor kunnen zijn? 't Was in ieder geval te proberen! Moeilijk was dat niet; onophoudelijk klonk het akelige: wieloewiélu! wielowiélu! door de nachtelijke stilte.

. ^et gefluit afgaande kwam de mandoer bij een kakantri terecht; ineens wat gefladder, en vlak vóór hem vloog de jorka-fowloe op' om een eindje verder neer te strijken. '

Hier was het dus! Nu zoeken! Daar in die omgevallen boom misschien? Zo zachtjes mogelijk sloop Karbani naderbij; nog voor hij iets zien kon, hoorde hij de rustige ademhaling van een slapende; meer kruipend dan lopend kwam hij in een soort prieeltje; juist kwam de maan weer van achter de wolken te voorschijn en overstraalde alles met haar helder wit licht. Karbani zou niet kunnen vertellen, wat hij verwacht had te zien, maar het gezicht van een rustig slapende jongen in een Indiaanse hangmat, en anders niets of niemand, was zó in tegenstelling met de gedachten en voorstellingen aan wraak, brandstichting, ontvoering en moord, die hem de hele avond vervuld hadden, dat hij een paar minuten nodig had, om zich te overtuigen van de werkelijkheid.

Daar lag nou die jongen, om wien zoveel te doen was, onbewust

voor t ogenblik althans — van alle Natimannen en bewakers en spoken en slangen bij elkaar! Hoe kwam de jongen hier? Wie had deze schuilplaats zo vernuftig gemaakt? En die hangmat? Zonder enig versiersel of franje en heel anders getaaid dan de Creolen en Javanen gewend waren, als die zz ooit gebruikten?

Wieloewiélu! Wieloewiélu! klonk het vlakbij; de mandoer schrok er van. Het beest had hem uitstekend geholpen, maar zou hem nu ook lelijk kunnen verraden, als er soms nog meer mensen op zoek

') Jorka-fowloe: letterlijk spookvogel; volksnaam voor Witkeel-nacht-

Sluiten