Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIERDE HOOFDSTUK

„CORANTIJNKWESTIES"

In zijn zestienjarige loopbaan als de motorist van de „Carolina" heeft Maynard al heel wat avonturen meegemaakt, maar nu is het hem toch te machtig. Een echte moordaanslag, vlak bij zijn boot, tegen één van zijn passagiers? Een Javaanse jongen, die hem onverwacht opgedrongen was, en dat in gezelschap van een Creoolsen jongen en een Indiaantje!

Na het heengaan van den Inspecteur had hij op het kantoor vertrouwelijk aan Monsanto gevraagd, wat die er van dacht. Natuurlijk tevergeefs! Als Monsanto met iedereen bevriend was en door iedereen vertrouwd werd, dan was het juist, omdat hij nooit ergens iets van dacht, althans zijn gedachten nooit uitsprak.

„Waarschijnlijk een vacantie-uitstapje" had Monsanto geantwoord en rustig zijn instructies voortgezet over de lading balata en de bleeders, die Maynard op zijn terugreis mee moest nemen.

Maar wat had de Inspecteur van politie daarmee te maken? Was dat plan zo onverwacht gekomen? Wie ging nou vlak vóór Koni-verjari*) uitstapjes maken?

De laatste toebereidselen voor het vertrek, het inpakken, het verwarmen van zijn gloeikop-motor, wat hij nooit aan den bootsman overliet, hadden hem het vreemde van het geval bijna weer doen vergeten. Toen ineens dat schot! 't Scheen op dien Javaansen jongen gemunt te zijn. Die mocht ook van geluk spreken, dat-ie net op tijd gevallen was! Wie zou geschoten hebben? De jongens schenen er meer van te weten; die hadden enkel maar gevraagd: „Afvaren!" Enfin, de mannen, die den jongen gebracht hadden en op de weg waren blijven staan, zouden dien schutter wel achtervolgd en aan

') Koni-verjari: Koninginne-verjaardag, die in Suriname veel luisterijker gevierd wordt dan in Holland.

Sluiten