Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Max weet niet goed, wat hij doen zal; hij heeft z'n eigen vork in z'n trommel, maar vindt dat gek staan voor de twee Indianen, die met hun vingers eten. Hij doet dat zelf ook wel 'ns, maar hij geneert zich voor den beambte.

Deze maakt zelf korte metten. „Allons, je hebt allemaal tien vingers; om de beurt er eentje uitpikken en zo de schaal laten rondgaan, tot alles op is. M'n vrouw heeft gezegd, dat ik de schaal leeg moest terug brengen."

Cornelis wil eerst weigeren, maar de andere drie verklaren zo onstuimig, dat hij bij hen hoort en mee moet doen, dat hij gauw toegeeft.

Sloote heeft er plezier in; terwijl de jongens zich te goed doen, snijdt hij met z'n groot zakmes de ananas in dikke plakken, die de jongens met dezelfde graagte verorberen.

Roland kaapt Max de laatste plak voor zijn neus weg. ,,'t Is niet goed voor jou, boy, je wordt te dik, als je zoveel eet."

„Nou, m'nheer Sloote, ziet U het nou? Ziet U het nou? Zo doet-ie nou altijd! Hij praat over mij, wijst op mij, maar ondertussen eet-ie zelf tienmaal meer dan ik en laat ons allemaal verhongeren!"

Lachend en stoeiend gaan ze naar beneden, om hun handen te wassen en hun mond te spoelen. Als ze weer boven komen, haalt Max een zakje sigaren uit zijn trommel. „Mijnheer Sloote, ik mag nog niet roken, maar vader heeft toch sigaren in m'n trommel gedaan, zeker voor mensen als U! Mag ik U namens mijn vader een presenteren?"

De beambte waardeert de sigaar zelf evenzeer als de keurige, bescheiden wijze, waarop ze hem door den jongen wordt aangeboden.

Roland mag wel roken, rolt een cigaret en biedt Max er ook een aan. „Voor deze keer, Max?" Deze weigert en nodigt den politiebeambte uit, om wat te blijven vertellen.

„Hè ja", zegt Roland, ,,'n anansi-tori!"

„Ajakkes nee", valt Max uit en bedenkt te laat, dat hij zijn afkeer voor die Creoolse liefhebberij ook nog wel op een andere manier had kunnen uiten. Om de onaangename indruk weg te nemen, gaat hij door: „Die kunnen we overal nog horen. Vertelt U liever een spannende smokkelgeschiedenis; U zult hier wel heel wat meemaken !"

„Niet zoveel, als je misschien denkt", antwoordt Sloote, „maar ik wil toch graag een beetje blijven praten."

Sluiten