Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedaan! Als ze voor voeding, verzorging en familie-leven der slaven evenveel zorg hadden gekoesterd als een verstandig mens die heeft voor z'n vee, dan was Suriname's geschiedenis heel, heel anders gelopen! Maar dat hebben ze niet! Ze hebben hun slaven geranseld en gegeseld en gemarteld, tot niet alleen hun ziel in opstand kwam, maar ook hun lichaam verzwakt en uitgeput werd; ze hebben hen verwaarloosd, dat ze als ratten wegstierven; ze hebben het natuurlijke familie-leven op alle manieren onmogelijk gemaakt.

Daarom moesten ze, nog tijdens de slavernij, tonnen gelds besteden om zich te verdedigen tegen de weggelopen slaven, die het beter hadden bij de beesten in het oerwoud dan bij de beesten op de plantages; daarom moesten ze tonnen en tonnen gouds besteden, om hun slavenvoorraad wier leven ze doodgemarteld en wier voortbestaan ze onmogelijk gemaakt hadden, door telkens nieuwe aankoop aan te vullen.

En toen eindelijk het uur der bevrijding sloeg, moest gebeuren, wat te voorzien was: de plantages liepen leeg; de haat tegen hun meesters was hun in lichaam en ziel gebrand!

Het geld, dat de plantage-directeuren kregen, om zich nieuwe arbeidskrachten aan te schaffen, hebben de meesten opgemaakt of naar Holland meegenomen, om er daar een renteniersleventje van te leiden. Toen hebben ze Suriname aan z'n lot overgelaten, toen ze het toch niet meer konden misbruiken, om hun grote jongens, die om diefstal of zedeloosheid niet in Holland konden blijven, er heen te sturen en op de slaven los te laten; toen er, om geld te verdienen, nog wat anders gebeuren moest, dan de zweep te laten striemen op slaven!"

„Maar hoe kan het dan eigenlijk ooit goed gegaan zijn?" vroeg Roland, die niet eens merkte, dat de tranen hem in de ogen stonden.

„Wel, ik zal het je door 'n vergelijking duidelijk maken. Veronderstel, ik krijg een erfenis van honderdduizend gulden. Zet ik dat geld op de Surinaamse bank, dan krijg ik elk jaar vier- of vijfduizend gulden aan rente. Dat is niet zo verschrikkelijk veel, maar dat krijg ik ook heel m'n leven en m'n kinderen na mij, omdat ik het kapitaal bewaar. Maar ik kan ook denken: ziezo, nou ben ik schatrijk, nou neem ik het er goed van! En ik maak de honderdduizend gulden in een paar jaar op. Dan is het toch onzin, om na die paar jaar te klagen over achteruitgang en tegenspoed en zo meer!

Sluiten