Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een vreemde moeder moeten zijn, om zo'n verzoek aan zo'n jongen te weigeren!

Daarmee toog hij weer aan 't werk, terwijl Max en Freddy, zonder een woord te zeggen, naar Washabo teruggingen.

Daar vonden ze Roland en Cornelis al terug van hun onderzoekingstocht. Ro kijkt z'n vrind 'ns aan en ziet meteen: 't is in orde! Wat hij dan ook is gaan doen in Kaboeri, 't is in ieder geval goed afgelopen; hij lacht en is zo opgewekt, als Ro hem nog zelden gezien heeft. Ook de twee ontdekkingsreizigers hadden reden tot tevredenheid; ze bleken schuin tegenover de bergplaats der smokkelaars een heel geschikte plek gevonden te hebben, om het hout over te brengen. Vis hadden ze niet machtig kunnen worden, maar Cornelis had met meer geluk dan wijsheid, gelijk hij zelf toegaf, een jong bosvarkentje geschoten. Zijn moeder zou het klaar maken; dat beloofde een fijn middagmaal te worden!

In afwachting daarvan gingen ze, op aanraden van Freddy, sterke lianen zoeken, om 's nachts geen nodeloos oponthoud te hebben.

Als twee kleine zusjes van Cornelis het gebraden varkentje komen brengen, zoekt Max in z'n trommel en haalt er een paar repen chocolade uit, om ze haar te geven. Met grote ogen blijven ze hem verlegen aankijken, tot Cornelis tussenbeide komt, het papier van de repen afhaalt, zelf een stuk in z'n mond steekt en de rest aan de meisjes geeft. Nu beginnen ze te lachen en lopen hard weg, om even later met wat cassave-koeken terug te komen.

„Nou jij, Roland," zegt Max. „Zo kunnen we lang bezig blijven!"

Ro had 's morgens een paar prachtige vlinders gevangen, die oorspronkelijk voor Winny en Chally bestemd waren; maar nu geeft hij ze aan de twee meisjes; voor z'n broertjes zal hij wel andere vangen! „Hier voor jullie, je hoeft er niks voor terug te brengen, hoor l"

De kinderen verstaan het Neger-Engels nog niet goed en kijken hem vragend aan. Roland wijst op de vlinders, schudt nee en zegt nog eens: „Niks voor terugbrengen!"

Ze gaan met de vlinders weg, maar nauwelijks zijn de jongens aan 't eten, of ze komen er weer mee terug en zetten ze bij Roland neer.

„Wat," zegt deze, „willen jullie ze niet?"

Max giert het uit: „Ze zijn nog te jong, om een souvenir van jou te willen hebben!"

Sluiten