Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZESDE HOOFDSTUK

Smokkelaars of Dieven?

Freddy vertelt, dat hij de zwarte man, die de vorige avond het hoofd van de troep was, gezien heeft; deze telde en keurde de houtblokken en was toen met z'n korjaal weggegaan.

De jongens zijn dus vrij zeker, dat er vanavond niemand komen zal; onnodig dus er heen te gaan en de wacht te houden, 't Is goed negen uur; ze hebben nog een paar uur tijd, voor het water hoog genoeg is, om de blokken te versjouwen. Cornelis stelt voor, om wat vallen te gaan zetten; ook een paar springhaken, om vis te vangen; dat moeten ze doen in de buurt van de nieuwe bergplaats aan de overkant; als ze dan gesnapt worden, kunnen ze het hout laten zinken en doen, alsof ze naar hun springhaken gaan kijken.

„Goed," zegt Roland; „eerst een tijgerval, voor dat laffe beest, dat hier kippen is komen stelen."

De Indiaan schudt van nee. „Daar heb je wel twee dagen voor nodig en daar moeten mannen bij zijn. Jongens kunnen de boom niet optillen."

„Boom? Waarvoor hebben we een boom nodig? We graven een diepe kuil, zetten er 'n paar kippen of zo iets in, dekken de kuil toe met takken en bladeren en dan moet papa tijger er in vallen. Zo stond het in ons leesboekje op school."

„Je zult toch al een diepe kuil moeten graven, wil de tijger er niet uitspringen. Nee, wij doen het anders."

„Hoe dan?"

„We zetten een ponga."

„Nou weet ik nog niks; hoe werkt dat?"

Cornelis vindt het eenvoudiger er een te helpen maken dan te beschrijven.

„Nou ja, zeg maar zo'n beetje. Wat heeft die boom er mee te maken? Gaan jullie daar in zitten?"

„Nee, 't is een omgehakte stam; we maken twee schuttinkjes,

Sluiten