Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waar de tijger net tussendoor kan; daar tussenin leggen we het aas, om hem te lokken. Bovenin hangt een dikke, zware boom in een paar hoepels, die weer aan 'n paar latten hangen. Waar de latten in 't midden over elkaar liggen, komt er een stevige liaan overheen, dat ze niet kunnen opwippen en de boom te vroeg laten vallen. Die haan moet beneden met een dwarshoutje vasthaken aan een paar latjes, waar het aas op ligt. Zo gauw de tijger — soms is 't ook een bosvarken of 'n buffel — aan het aas komt, laten die latjes los; de liaan schiet ook los; de twee latten boven wippen omhoog; de hoepels glijden er af en de boom valt boven op het beest en maakt het dood."

„Kan het dan niet opzij springen?"

„Daarvoor staan juist de schuttinkjes!"

Roland snapt het nog maar half, wat aan Cornelis de verzuchting ontlokt: „Die domme negers!"

Als ze echter bezig zijn met vallen en springhaken zetten, stijgt die „domme neger" weer in zijn achting; over dien Javaansen jongenheer is hij werkelijk verwonderd! Beide jongens blijken heel wat Indiaanse kunstjes van Freddy afgekeken te hebben en doen ze heel handig na. Met meer geluk dan wijsheid vangt Max een anjoemara, nog vóór de haak met het aas goed en wel onder water is.

Cornelis kijkt hem onderzoekend aan: „Hoe kom jij aan die aimaramoran?"

Max kijkt minstens even onderzoekend. „Wat?"

Freddy komt te hulp en vertelt, wat Cornelis bedoelt. Gelijk voor alle dieren, waarop ze jagen, hebben ze ook voor de anjoemara een apart bezweringsmiddel, om ze tot zich te lokken; dat noemen ze „moran". Omdat Max nu zo gauw een anjoemara beet had, meent Cornelis, dat hij aimara-moran bij zich heeft, al heeft hij er geen stukje van aan de haak gebonden.

Terugvarend praten ze druk over de kracht der verschillende „morans", die door de twee Indianen sterk verdedigd, door de twee anderen even sterk betwijfeld wordt.

„Maar waarom heb je ons nooit eerder daarvan verteld, Freddy?"

„Och, zo maar, vergeten."

Roland begrijpt het echter heel goed. Ook z'n moeder gelooft aan dingen, waarover hij alleen met Creolen zal praten; anderen geloven er toch niet aan en daarom heeft het voor hen geen succes, ook al proberen ze het. Hoelang heeft hij zelf niet een amulet aan n

Sluiten