Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Max bekijkt het dak nogal critisch. „Ik hoop maar, dat er vannacht geen regen komt!"

Neen, regen komt er 's nachts niet, maar er komt iets anders! Cornelis merkt het 't eerst; hij springt zijn hangmat uit en roept: „Mieren!" Bijna op 't zelfde ogenblik zijn ook zijn vader en Freddy uit hun hangmat en lopen naar buiten. Springend, alsof hij op een gloeiend hete plaat stond, stompt hij tegen de hangmatten van Max en Ro; de laatste schrikt wakker; de eerste laat een gebrom horen. Een stevige stomp, „Gauw, Max, mieren!"

„Man, sta niet te mieren, ik moet slapen!"

Cornelis denkt: dan moet-ie het zelf maar weten!en volgt Ro, die al buiten is. Een schreeuw van Max stelt hem meteen gerust; de mieren hebben ook zijn hangmat bereikt, hij zal wel komen! 't Scheelt anders niet veel, of Max was weer teruggekropen in z'n hangmat. Als hij slaapdronken op de grond staat, dringt één ding tot hem door: zo pas voelde hij ergens 'n felle pijn, die hem op de grond deed springen; nu voelt hij die pijn aan beide voeten, en 't lijkt wel, of het langs zijn been omhoog komt. Dan maar niet liever in de hangmat? Het geroep van Ro brengt hem nog juist tot andere gedachten. „Kom hier, Max, hier zijn geen mieren!" Nu pas dringt het tot hem door, wat die stekende pijn aan z'n voeten betekent: de mieren bijten hem en als hij in zijn hangmat kruipt, zal heel zijn lichaam gebeten worden. Er kruipt toch al een heel regiment tegen zijn benen op. Hoe die kwijt te raken? Prince, die begrijpt, dat Max niet ongestraft zo lang in het kamp gebleven is, krijgt medelijden met hem: „Kom hierheen, boy, het water in!" Water! Max kan zich voorlopig geen groter genot voorstellen, dan zijn stekende en branderige benen in koel water te houden en daarmee meteen z'n geniepige aanvallers te verdrinken. Hij probeert wel, ze te verpletteren, maar als hij er tien gedood heeft, komen honderd andere de slachtoffers wreken. En of hij nu vóór- of achteruit, rechts of links springt, overal zijn mieren, overal bijten mieren! Max voelt: nog één minuut, en hij zal als een kleine jongen beginnen te huilen van pijn en van zenuwen. Hij vindt er dan ook niets vernederends in, als hij ineens wordt opgepakt en weggedragen en iemand hem in het oor fluistert: „Wacht maar, niet huilen!"

Hoeveel miere-beten het Prince kostte, heeft deze hem nooit verteld, maar als ze een minuut later tot over de knieën in het water

Sluiten