Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'k geloof, dat er wel meer bij zijn, die wat steun kunnen gebruiken. Laat ons tweeën nou voor dien jongen zorgen; ik denk, dat we nooit in ons leven zulk een goed gebruik van geld kunnen maken als zo!"

„Maar zou je vader het goed vinden?"

„Natuurlijk; die had ons tien gulden gestuurd voor de reis, maar we zijn zo goedkoop uit geweest, dat we meer dan de helft over hebben! Weet je nog, Ro.

En om de dokter te beletten er nog verder over te spreken, begonnen ze nu allerlei herinneringen uit de laatste weken op te halen. Dat Freddy's naam daarbij telkens weer genoemd werd, spreekt vanzelf. Ook over Natiman vertelden ze den aandachtig luisterenden dokter, ze waren den Javaan bijna helemaal vergeten en aan wraakplannen dachten ze zeker niet meer. Nu er zelfs kans was, dat Max' moeder aan de steiger zou staan, kon Max een zekere dankbaarheid koesteren voor dengene, die de oorzaak van de hele reis was geweest!

Toen ze van Awaruwape den koning aller tijgers verteld hadden, vroeg Max opeens: „Hebben de Hindoestanen ook zulke verhalen, dokter?"

„Die hebben het Ramain, is 't niet?" viel Roland in; „tenminste, daar hoor je ze dikwijls over praten, dat is een soort heilig boek, geloof ik."

Dokter Hanumansingh werd ineens ernstig. „Maar Javaan, weet jij dat niet? En jullie hebben nogal het meeste van ons overgenomen!"

Max moest bekennen, dat hij er nooit van gehoord had, maar voegde er meteen aan toe, dat een reis in gezelschap van een Hindoestaanse dokter 'n mooie gelegenheid was, om dat tekort aan te vullen.

„Ja," vond ook Roland, „wij hebben nou zoveel verteld, nou is het uw beurt. Gaat die Ramain ook over spinnen of tijgers of andere dieren?"

De dokter schudde het hoofd. „Waar zou de Ramayana — of Ramain, zoals de gewone mensen zeggen — anders over gaan dan over Rama? Over Rama en Sita en Lakshmana en ja, over al de grote helden van de oudtijd?"

„È, è, zeggen daarom ook de koe......ik bedoel de Hindoestanen,

als ze elkaar tegenkomen, zo dikwijls: Ram, Ram, Sita-Ram?"

„Je hebt goede oren, Roland", sprak de dokter vriendelijk.

„Daar kan ik ook goed mee luisteren, naar wat U ons gaat vertellen", antwoordde Roland en ging er eens makkelijk bij zitten.

Sluiten