Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Is er ook iets van waar?" vraagt Max.

„Moet je nooit vragen", vindt Roland, „als 't maar mooi is!"

Dokter Hanumansingh is helemaal niet verstoord over Max' vraag. „Hoe gaat het met zulke verhalen? Als je klein bent, geloof je er alles van; dan komt er een tijd, dat je er niets van gelooft; en tenslotte leert het leven je — als je tenminste niet hardleers bent — hoeveel waars er in schuilt, maar een beetje anders dan je vroeger dacht. Maar kom, nou niet te diepzinnig worden! Wat zouen jullie er van denken, om eens te gaan slapen? 't Is nog wel vroeg, maar.....

De gedachte daaraan doet Max zo verschrikkelijk gapen, dat de dokter geen antwoord afwacht en zich klaar maakt voor de nacht.

Op hun vraag aan den motorist, of ze bij het omvaren van de Punt erg zullen schommelen, stelt deze hen gerust; in deze tijd van het jaar is het meestal nogal kalm en daarbij, straks blijven ze een paar uur op stroom liggen, om terwille van de zieken het rustigste uur af te wachten.

Toch vertrouwen de twee jongens het nog maar half; ze zijn al eens slapend van een kajuitbank afgerold! Daarom gaan ze liever op de grond liggen. De dokter taait zijn hangmat schuin door de kajuit heen, ook opzij vastgebonden, om het schommelen te beletten.

Hij wenst de jongens wel te rusten en zegt lachend: „Droom maar niet van Rama of Garoeda, hoor!"

Maar Max en Ro denken aan geen Rama of Garoeda! Toen ze de eerste keer in een kajuit sliepen, hing er ook een hangmat boven hen, maar toen lag Freddy er in. En met de gedachte aan hun Indiaans vriendje slapen beiden in.

Sluiten