Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ik heb in geen zes weken een mantel aangehad," kon Fien niet nalaten te zeggen.

,,Kluit-hoog weet ook wat," lachte tante Cor goedmoedig.

Ze ging in de stoel zitten, waar Fien de hele middag gezeten had. Ze moest het rapport van Fien zien — dat was natuurlijk heel wat minder mooi dan dat van de tweelingen — en ze begon een heel verhaal over haar twee dochtertjes, die eigenlijk naar een vacantiekolonie gegaan zouden zijn, maar op het laatste nippertje toch nog thuis gebleven waren.

„Dat is jammer," zei moeder.

En tante Cor zei: „Wat doe je eraan? De kinderen gingen niet graag!"

Chossie, ik wou, dat ik zoveel te vertellen had thuis, dacht Fien. Ze kon toch niet jaloers zijn op de magere tweelingen, die heel spits en witjes in hun stoelen zaten.

„Willen jullie niet graag met onze Fien spelen ook ?" vroeg moeder lachend.

„Ja, tante," zeiden de tweelingen. Ze stonden dadelijk heel gehoorzaam op van hun stoelen. Niemand zou gezegd hebben, dat die twee thuis zoveel praatjes hadden.

Fien bleef zitten. „Ik weet geen enkel spelletje," zei ze koppig. Ze bleef onderhand luisteren, of ze Peter's fluitje buiten hoorde.

„Misschien weet Sophietje wel een spelletje ?" deed tante goedig.

Sophietje raadde: „Winkeltje," zeker ter ere van het huis, waar ze in was.

„Jakkes, winkeltje!" zei Fien. Ze haalde haar neus op. „Ik ben al veel te groot cm winkeltje te spelen."

Daar keken de twee nichtjes van op. Ze hadden niet

Sluiten