Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was. Zoodra men hem zag, moesten zijn wapens opvallen en dan wist men meteen, dat het Old Shatterhand was.

Hoe hij aan dien naam gekomen was? Hij had een meer dan sterke uitwerking van zijn handen, wanneer die iemand raakten, want dan sloeg hij den grootsten kerel met één enkelen slag ter aarde. Nooit sloeg hij mis. Die slag, die nimmer falende juistheid om iemand tegen den grond te slaan had hem dien bijnaam gegeven, en hij droeg hem met eere, want wanneer er iemand was, die een hekel had aan dooden, dan was het deze man. Nooit zou hij onnoodig bloed vergieten; om dan toch zich te verdedigen sloeg hij iemand liever neer en gaf hij hem later weer de vrijheid, vele malen, met het gevolg, dat hij zeer vele vrienden had, die eerst zijn vijand waren geweest.

Hij was de beschermer van de roodhuiden en wanneer er een boef van het blanke ras te vangen of te ontmaskeren viel, dan was hij er als de kippen bij om hem te grijpen en aan de politie over te geven. En al moest hij dan maanden lang jacht maken op zoo iemand, dan deed hij dat, en steeds met succes.

De door Ka Maku gevangenen hoopten niet voor niets op Old Shatterhand, want wanneer er één was, die hen redden kon en wilde en zou, dan was het alleen Old Shatterhand.

De andere ruiter, die daar reed, was een Indiaan; het paard, waarop hij reed, was volkomen gelijk aan dat van Old Shatterhand.

Er zijn van die menschen die reeds bij den eersten oogopslag een diepen, onvergetelijken indruk maken. Zoo'n mensch scheen deze Indiaan te zijn.

Zijn kleeding was Indiaansch, maar zoo mooi versierd, en toch tevens zoo uiterst eenvoudig, dat men het hem onmiddellijk kon aanzien, dat hij een zeer hooggeplaatst opperhoofd was.

Ook hij had, evenals Old Shatterhand, franjes aan al zijn kleedingstukken en ook hij had wapens, die men uit duizenden herkennen kon.

Om zijn hals hing een kotsbare medicijnbuidel en een driedubbele ketting van bereklauwen. Ook bij hem staken, evenals bij Old Shatterhand, verscheidene revolverkolven uit zijn gordel en zijn houding was niet alleen athletisch, maar zelfs koninklijk te noemen.

Dwars over zijn zadel had hij een geweer voor zich liggen, dat overal, waar hout was, met zilveren nageltjes bespijkerd.

Éen woudlooper, die hem zoo had zien rijden, zou hem, al had hij hem nog nooit gezien, onmiddellijk aan zijn geweer hebben herkend. Er waren maar drie beroemde geweren, waar geen vierde aan vermocht te tippen, en dat waren Old Shatterhand zijn Henry-buks, zijn berendooder en Winnetou's Zilverbuks.

Want die edele rijder was wel degelijk Winnetou, het opperhoofd aller Apachen. Zijn geweer was even bekend als die van Old Shatterhand en wel, omdat het al evenveel had meegemaakt, afgezien nog van het feit, dat het nooit faalde in

Sluiten