Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Waarom niet?

Rollins begreep er nog geen jota van.

Omdat.... ik.... te zwaar voor hem ben, zou ik denken.

— Ja, goed, Mr. Rollins, dat is zoo; snapt u dat ook, Mr. Baumgarten?

— Ja.

— Nu dan, dus wanneer een voorwerp zwaarder is dan het andere, dan zal het eene nooit door het andere kunnen worden opgelicht, nietwaar?

— Ja, klonk het in koor der beide misleiden.

— En hoeveel water zit hier in dat meer, denkt u?

— Weet ik niet.

— Maar dan toch wel een heel gewicht, niet?

— Dat denk ik wel.

— Nou, mooi, en wanneer we nu eens aannemen, dat die olie onder in het meer uit een klein gat moet stroomen, dan zult u toch wel moeten toegeven, dat er een ontzaglijke kracht voornoodig is, om al dat water opzij te duwen? Die kracht kan de olie alleen maar hebben, wanneer er een ontzettende hoeveelheid achter zit, niet?

— Ja, zeiden de beide toehoorders perplex.

— Dus wanneer we nu eens vaststellen, dat daar onder den grond een heele massa olie ligt, dan zijn er natuurlijk allerlei dure boormachines noodig, om die olie eruit te halen. Is men eenmaal zoover, dat men de petroleumlaag aangeboord heeft, dan spuit de olie huizenhoog en heeft u niets anders te doen, rlan de vaten eronder te houden.

— Ja, luide het antwoord, nu al meer verlicht.

— En wanneer Mr. Grinley het geld daartoe had gehad, dan zou hij het zeker niet aan u verkocht hebben, maar er zelf aan het exploiteeren geslagen zijn. Dat er echter machines voor noodig zijn, daarom verkoopt hij het aan u. U moet immers niet denken, zonder eenige moeite millionnair te kunnen worden. Dat zou te verdacht zijn, want dan had Grinley liever zelf millionnair geworden.

Nu waren de heldere woorden eindelijk tot den bankier doorgedrongen en het resultaat was verbijsterend. Hij greep Buttler en Grinley bij de handen en omarmde zijn a.s. directeur.

— Mensch, wat ben ik dom geweest, dat ik daar niet eer

aan gedacht heb!

Ook Baumgarten bleek niet tegen den list op te kunnen, want ook hij liep erin. Van physica had hij niet zooveel geleerd, dat hij het nu eens op zijn .gemak zou hebben kunnen nagaan, waarom die redeneering fout was, al voelde hij, dat het eigenlijk niet klopte.

Zoo was de bankier lijkbleek geweest en zoo was hij weer onderste boven gepraat. Nu stond hij te dansen van vreugde en niemand meer, zelfs Baurpgarten niet, kon hem van zijn enthousiasme genezen. De schurken hadden het nu voorgoed gewonnen!

Sluiten