Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Juist wilden zij weer teruggaan, omdat ze dachten, dat hij al weer in het kamp terug moest zijn, toen er opeens een luid geroep weerklonk:

— Opstaan, de vijand....

Dat was Old Shatterhand's stem. Onmiddellijk achter dat geroep weerklonk de strijdkreet der Apachen van Winnetou.

Daarna was het stil, verdacht stil.

— Allemachtig, ze hebben ons overvallen! riep Frank uit en hij voegde erbij:

— Laten we snel....

Verder kwam hij niet, want Sam had hem de hand op den mond gelegd.

— Stommerd, wees stil, we kunnen er nu toch niets aan verhelpen.

— Maar moeten we hen dan laten gevangen nemen?

— Ja, want dan bevrijden we hen dadelijk weer. Nu echter niet, want ze zijn al gebonden.

— Daar heb je gelijk in, ik hoor het geroep van de Indianen.

Inderdaad hoorde men het roepen der Indianen. Die riepen om hulp van hun maats in het dal, omdat de gevangenen vervoerd moesten worden en dat vereischte veel mannen.

De beide aan het gevaar ontsnapten slopen nu naar hun kamp, waar de Indianen druk bezig waren met de gevangenen te vervoeren.

Allen waren zonder een enkele verwonding gebonden, alleen de Emeritus ontbrak.

— Die organist heeft de boel verraden, wat ik je brom, zei Frank.

— Dat zal wel, die is er niet, dus zal hij wel in het kamp der Nijora's zijn.

De gevangenen werden nu om het transport te vergemakkelijken, langs een omweg naar het kamp vervoerd, zoodat Sam het beter vond, dat af te snijden.

— Laten we hier naar beneden gaan, dan zij we eerder dan zij daar; dan zien we nog wat.

— En dan?

— Dan kunnen we immers altijd zien, wat er te doen valt.

— Ja, goed, mijn handen jeuken.

De beide vrienden volgden dus den stoet niet, maar klommen zoo voorzichtig mogelijk omlaag en hadden, beneden aangekomen, al spoedig een paar rotsblokken gevonden, die zoo over elkaar lagen, dat er juist een soort van afdak gevormd werd, waardoor de beide mannen geheel aan het oog onttrokken konden worden.

Van hieruit konden zij het geheele kamp overzien en behoefden zij niet bang te zijn, door de Indianen gezien te worden, daar de vuren de menschen zoo verblindden, dat zjj daar in den rand van het duistere woud zeker niet twee blanken zouden zoeken, van wier bestaan zij niets afwisten, daar zij

Sluiten