Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verkeerd uitleggen?

— Nee, dat hooren ze zelfs niet.

— Zoo? Zitten ze nog zoo ver weg?

— Ja.

Nu weerklonk het schot van Frank, want die was het, met Droll.

Na slechts een paar minutenkwamen allen, de een na den ander, aanloopen.

Wat een vreugdevol weerzien tusschen Adolf Wolf en zijn oom, die elkaar in vele jaren niet gezien hadden en die nu door den Indianen-kryg bijna voor goed van elkaar gescheiden zouden zyn geworden! Wat eenvreugde ook van de vrouwen en mannen, die als Duitschers eveneens Duitschers in de wildernis tegenkwamen!

De stemming werd er steeds beter op, temeer, daar Sam Hawkens had verzekerd, dat er heelemaal geen vijanden in de buurt waren.

Mr. Rollins werd door Wolf aangesproken:

— U bent Mr. Rollins, nietwaar?

— Jazeker, meneer.

— Uit Arkansas?

— Ja.

— U hebt een oliebron gekocht?

— Ja, helaas.

— Wan het was geen oliebron.

— Ja, maar hoe weet U dat?

— U bent dus bezwendeld geworden, niet?

— Ja, verschrikkelijk!

— En die drie kerels zijn U ontkomen.

— Ja.

De bankier sprak met steeds stijgende verbazing.

— Maar U hoopt, dat U hen nog kunt inhalen.

— Ja.

— Waarom?

— Nou, om.... eh....

— Om het papier terug te krijgen?

— Ja, die cheque.

— Wilt U eens kijken, wat dit is?

Wolf nam het papier en ontvouwde het.

— Wat is dat?! Hebt U.... Oh heerlijk!!!

De bankier jubelde het uit, toen hij zag, dat het beruchte papier weer terug was. Hij greep het en herlas het.

Wolf vertelde nu in het kort, wat er gebeurd was. Allen waren blij, omdat er nu een reden minder was, daar de drie boeven hen nu verder koud konden laten.

Dat zeiden zij ook tegen Wolf, maar die zei:

— Zóó gauw zullen we niet van hen af zijn, want ze komen achter ons aan.

— Waarom?

— Om my het papier weer af te nemen natuurlijk.

Sluiten