Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat hij niet alleen achter zich, maar ook vóór zich Indianen ziet, die hen met geweren dreigen.

— Ja.

— Dan stel ik voor, dat honderd man zich alvast verstoppen in het gras, voordat wij er aankomen, dan weten zij meteen, dat ze ons niets behoeven te doen. Die vijfhonderd moeten zich ook al van te voren verstoppen, achter de struiken, naast de helling.

— Afgesproken.

Nu reden de Indianen snel vooruit, om nog voor den aankomst van den troep blanken klaar te zijn met het aansluipen en zich verstoppen.

Die blanken reden kalmaan, zooals zij dat gewend waren te doen en geen van allen deed ook maar iets anders, dan wat zij in andere omstandigheden zouden hebben gedaan.

— De vrouwen en kinderen moeten hun uiterste best doen, o mniet te laten merken, dat er iets bijzonders gaat gebeuren, zei Winnetou.

— Nee, voegde Old Shatterhand er nog aan toe, we zullen moeten trachten, zoo gewoon mogelijk te doen, zoodat de list die wij op het oog hebben, de meeste kans van slagen heeft.

Gelukkig hielden allen zich wonderwel, want zij wisten mara al te goed, dat Indianen geen medelijden hebben met de menschen, die in oorlogstijd in hun handen vallen.

Het fijne van de plannen wisten de Duitschers natuurlijk niet, maar zij konden wel vermoeden, dat wat zij daar gingen doen, een gevaarlijk iets was. Er was er echter geen onder hen, die ook maar in de verste verte er aan dacht, Old Shaterhand of Winnetou te wantrouwen of te denken, dat wat zij deden wel eens verkeerd kon zijn.

Het gezelschap kwam eindelijk bij de plaats aan, waar de weg omlaag voert naar de rivier. Old Shatterhand liep met zijn paard aan de hand het eerst naar beneden en zijn arendsoogen loerden overal rond en zagen meer dan de menschen va nhet gezelschap wel konden vermoeden. Niet alleen de Navajo's, maar ook de Nijora's waren er al aangekomen en die loerden eveneens om den hoek van de vele steenen, die daar lagen. Heelemaal beneden waren zij nog niet, want daar moesten de blanken heen. Dat daar de honderd Navajo's lagen, daar was Old Shatterhand zeker van, want hij was net zoo lang weggebleven, als hij dacht, dat de Navajo s zouden noodig hebben om op hun plaatsen te komen.

Bij het naar beneden wandelen, langs de vrij steilen weg, zag hij vlak naast zich het hoofd van den hoofdman te voorschijn komen en een ondeelbaar oogenblik keken beiden elkaar aan. Toen verdween het hoofd weer even geruischloos als het te voorschijn geschoten was.

Nu wist Old Shatterhand, dat hij niets meer te vreezen had, want dat de mannen op hun plaats waren. Hij zei dat zachtjes

Sluiten