Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hen gaf. Had ze zich vanmiddag niet opgewonden om niets? Was er wel iets veranderd in haar leven, sinds ze hier was gekomen?

Ze dacht aan haar huis, aan haar vader, die wérkte, die hield van de fabriek, die joviaal en kameraadschappelijk was met alle arbeiders, die hun vrouwen kende en hun kinderen, ze dacht aan Ben en Piet, die nooit een naam konden bedenken, als een van de mannen hun in de stad voorbijging; ze begreep dat haar vaders houding beter was. Misschien, bedacht ze voor 't eerst, heeft hij te weinig belangstelling voor het leven buiten z'n onmiddellijken kring, maar ik geloof, dat hij een goed fabrikant is, goed voor het werk en goed voor de menschen — dat is misschien al veel.

Ze peinsde over Hélène, die met twee dienstmeisjes, toch altijd klaagde over de drukte van haar huishouding, die wel zacht was en liever dan Lizzie, maar die eiken dag met tegenzin scheen te doorleven.

Zou het zijn, schrok ze, omdat ze niet genoeg van Piet houdt? Omdat ze samen wel hielden van de feesten en 't pleizier van 't leven, maar elkaar eigenlijk niet liefhadden ? Toen dwaalden haar gedachten af naar dat feest, waar ze gezeten had tusschenden jongen man, die haar gevraagd had een leven van vreugde met hem te deelen, die echter nooit aan den ernst had geraakt en dien langen jongen, dien ze gehoond had, om wat ze zijn roeping wist. Ze hoorde weer zijn woorden: „ik voel dat niet zoo wat dat voorbeeld betreft" .... en: ,,je wilt toch eerst met jezelf tot klaarheid komen" ....

O, maar was dat ook niet, wat zij trachtte in deze stille

Sluiten