Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

—Schrijf je dan dadelijk? vroeg Mia en haar stem beefde. Ze had zich dat eene oogenblik vlak bij Ruut zoo wonderlijk rijk en gelukkig gevoeld. En vraag, of ze zoo gauw mogelijk komen.

Toen was er heel veel te doen in 't verstopte Huuske.

Je moet Lucie maar dicht bij de kinderen laten slapen, vond Ruut, dat zal ze geruster vinden. Ze sleepten samen de oude canapé van de logeerkamer naar nicht Christiens groote slaapkamer; ze maakten hem met den voorkant tegen den muur tot een bedje als een vesting voor kleine Pietje. Polleke, die 't ergste hoestte kreeg het groote bed en Lucie het kleine aangrenzende kamertje.

's Maandags kwam het blijde telegram: „Dolgraag, we komen Woensdag om vier uur."

Het tentwagentje, waarvan Mia eens illusies had gehad, stond te wachten voor het stationnetje, toen Ruut dé reizigers en alle bagage afhaalde; in de eetkamer van t verstopte Huuske wachtte de blank-gedekte feesttafel met bloemen en vruchten, zooals Mia die bij haar komst had gedroomd. In de keuken op het petroleumstel pruttelde voor het eerst een echt-warme en voedzame soep, die Ruut haar had leeren koken en vlak naast de pan zat Mia en las gedichten en roerde uit vrees voor aanbranden op de klok af iedere vijf minuten in het kostelijk gerecht.

Toen, door de open ramen hoorde ze het knarsen van wielen. De uil schreeuwde een onwelluidenden wel-

Sluiten