Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over haar gezicht. Ze voelde een schok; het geluid van een langen, zwaren zucht, als van lucht, die vlood, ging in 't geraas van den storm verloren. Hinderlijk schokte de fiets, als reed ze op de velgen en in dit zwaarder gaan bekroop haar opnieuw de angst om den kleinen zieke. De enkele boerenhuizen, waarlangs ze ging, waren flauw verlicht, maar altijd was er een hond, die nijdig en langdurig tegen haar blafte.

Ik kom bijna niet vooruit, dacht ze radeloos en ik word zoo gek moe .... maar ik moet toch .... het lijkt, of ik al een uur op weg ben.

Nu kwam ze langs het dierbare heitje, waar de hooge, beschuttende dennen stonden en het beekje stroomde, waarin ze met Lucie na een avondmaaltijd de borden en kopjes had gewasschen, waar ze van breed lisch-blad

voor fiet en foiieice een vloot van sierlijke, groene scheepjes had gevouwen, die langzaam waren weggedreven op den kalmen stroom. Midden op het heitje brandde een klein lichtje een eind boven den grond, alsof het bevestigd was aan een boomtak.

Ze peinsde er over, waarom het daar hing, wat dat beteekende. Toen zag ze een groot donker ding in

Sluiten