Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor u" en die Mia verhalen vertelde van nicht Christien; want hij had haar lange jaren gekend en altijd weer wist hij een geschiedenis van haar onbaatzuchtige toewijding en eigen humoristischen kijk op het leven en de menschen.

En hij vertelde, wat zelfs Ruut niet wist, hoe ze Brecht als verwaarloosd en miskend kind uit een gezin van dertien, had meegenomen naar haar huis en uit het zielige, indolente meisje een flink mensch had gemaakt met twee rechterhanden.

— Nu ja ... . zei hij, toen Mia hem zoo erg strak met nauw verholen spot aankeek, een beetje raar mensch is ze wel gebleven, maar al haar goede, sluimerende mooglijkheden zijn tot werkelijkheid geworden. En dat is véél.

— En jou, jongmensch, zei hij opstaande, als je eenmaal gevestigd bent op een dorp — maar tegenwoordig worden jullie, jammer genoeg, allemaal specialist in een stad — wensch ik je op dat dorp, dat je wel versmaden zult, zoo'n verstandige, vrouwelijke hulp met zoo'n nobel hart toe. En voor jou, dominee, zou het ook een voorrecht zijn bij je gemeentewerk ....

— Als je een eigen vrouw hebt, die voelt voor je werk . . zei ten Voorde.

— Zeker vriend, maar niet ieder is zoo gelukkig de vrouw, die hem het liefste is, te mogen binnenleiden in zijn huis.

— En nu, goeien avond, jongelui, maak het niet te laat, we hebben allemaal een nacht van weinig slaap gehad.

Sluiten