Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Ik vind niet, dat de dokter den indruk maakt, of zijn leven verknoeid is en tante Chrisje . . . . o, nee, tante Chrisje zeker niet. Het was juist zooals hij zei: een sterk en warm hart en de hemel in haar oogen.

— Ik zou zeggen, dat iemand die zoo'n sterk en warm hart heeft niet zoo zuinig op dat hart moest zijn, als ze het geven kon aan een ander, die haar zoo liefhad.

— Maar misschien had zij hem niet zóó lief, niet genoeg om zijn vrouw te worden. Als ze „neen" gezegd heeft, zal ze zeker de beste motieven voor haar weigering hebben gehad. Iemand, die zóó hooge eischen stelde aan haar eigen leven, kan niet klein geweest zijn, toen het ging om de liefde van haar hart. Je weet toch wel, dat er in de wereld getrouwd wordt in grooten, heiligen ernst, maar ook in grenzenlooze oppervlakkigheid. Zoo zullen er ook wel menschen zijn, die „neen" zeggen uit een gril en anderen, die het neen pas uitspreken na dagen van strijd en overdenking. Maar wij weten niet, hoe tante Chrisje dat heeft gevoeld, dat was haar geheim.

— En als het dan „neen" was, zooals voor den dokter, begrijp je dan, hoe hij z'n werk kan doen met zoo'n blijmoedigheid en opgewektheid. Begrijp je Ruut, dat dat kan?

— Hoe dat kan? zei Ruut kort. Dat moét; zoo is het leven.

Ze zwegen beiden.

Ruut lag niet meer behaaglijk met haar hoofd achterover naar de sterren te kijken, Ruut zag geen sterren;

Sluiten