Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ze afscheid van elkaar; ten Voorde en Rekx brachten de meisjes thuis.

— Niek is kwaad, zei Rekx tot Mia, maar er moet toch wat ruimte zijn voor verandering in vooraf-gesmede plannen; we zijn ieder jaar afgeweken van de vastgestelde reisroute.

— Houdt hij niet van deze streek?

— Ik weet niet, of hij alles zoo erg meent. Hij hoont Reinoud en mij altijd, als we door dit land bekoord zijn, maar of de taal, die hij niet verkiest te verstaan en de vreemde gebruiken hem werkelijk ergeren, zou ik toch betwijfelen. Maar hij zit wel heel sterk vast in zijn eigen kring en eigen opvattingen — hij wil niet anders zien. Tot op zekere hoogte is dat zijn kracht; al wat hij op zich neemt, volvoert hij voortreffelijk; hij is bijna klaar en welk baantje hij als Mr. in de Rechten krijgt, hij zal het op kranige wijze behartigen, dat verzeker ik je. Hij had Medicijnen willen studeeren, maar het ging niet uit de beperkte beurs van den ouden heer en hij is „de traditie getrouw" in de Rechten gegaan. Mij heeft hij het indertijd verweten, dat ik omgezwaaid ben, ik heb ook een jaar Rechten gestudeerd. Later heeft hij me gelijk gegeven. „Ik had van den beginne af moeten doorzetten, zei hij, ik was er wel gekomen, hoé dan ook. Maar ik kan geen studie afbreken, die mijn vader met hard werken ternauwernood betalen kan; ik zal zien later een lucratief baantje te krijgen met veel vrijen tijd, dan ga ik toch nog in de Medicijnen." Maar hij beseft nu wel, dat hij al dankbaar zal moeten zijn als hij een gering baantje krijgt; van lucratief rept hij niet

Sluiten